Vertaal/Translate/Select your language

Vinaora Visitors Counter

574641
Vandaag
Gisteren
Deze week
Vorige week
Deze maand
Vorige maand
Alles
88
927
1642
115922
5487
23692
574641

Your IP: 52.91.90.122
2018-12-11 17:06

“Heystekke” in Zuid-Afrika – deel 1

Seuns van Doornkom, Klipfontein, Leeuwdoorns, Lisbon, Vaalkop en Waaikraal

 

Wat er aan vooraf ging

Ooit was het ’t land van de Boeren die het in 1854 de naam Oranje Vrijstaat gaven. Het gebied ingesloten door de Oranjerivier in het zuiden, de Vaalrivier in het noorden en in het oosten door het Drakengebergte, werd wederrechtelijk door de Engelsen toegeëigend en tot Brits domein verklaard. Veel van de Hollandse emigranten wensten niet onder Brits gezag te leven en trokken verder naar vruchtbare gronden in het noorden om daar nieuwe woonplaatsen te zoeken. Pretorius, Potgieter en Schoeman waren in die tijd de zogenoemde Voortrekkers. Mede door het gezag dat men van Pretorius erkende, sloten de Britten vrede met de Boeren en erkenden onafhankelijkheid van het gebied. Zo ontstond de Zuid-Afrikaansche Republiek, informeel bekend als Transvaal. De Republiek was onafhankelijk van 1856-1877.

 

Is het Heijstek of Heystek?

 

Voor genealogen geldt dat de schrijfwijze van een familienaam in een geboorteakte bepalend is. Staat er Jan Heijstek in een akte, dan zal die persoon zo ook voor de rest van zijn leven heten. Echter, in het Nederlands kennen we de zogenoemde “lange ij”, wat een uitzondering is ten opzichte van vele andere talen. Vandaar dat de naam Heijstek in het buitenland veelal wordt genoteerd als Heystek. Een probleem voor de genealoog is hiermee ontstaan. Welke naam gebruiken we in redactionele artikelen als deze. Voor personen die in Nederland zijn geboren, is gekozen voor de Nederlandse schrijfwijze. Waar de in Afrika wonende familiegroep wordt bedoeld, of het gaat om een in Afrika geboren kind is gekozen voor de naam Heystek.

 

Het gebied bleek vruchtbaar, water was er voldoende. Met zoveel water is liefde van Boeren voor het gebied niet opmerkelijk. Tarwe, maïs, gierst, noten, zonnebloemen, aardappelen, haver, uien, gerst, erwten, bonen, luzerne en boekweit, het werd er allemaal succesvol geteeld. Berichten hierover bereikten ook Nederland. Menig boer overwoog zijn bedrijf in Nederland te sluiten om voorgoed een reis naar het verre Afrika te maken.

 

De geschiedenis van de Afrikaanse Heystekke die woonden op de Springbokvlakte begint in het Noord-Brabantse Giessen. Daar ontmoet Jan Heijstek, geboren op 7 januari 1816, zijn vrouw Johanna Elisabeth Rosa met wie hij in 1847 in het huwelijk treedt. Als landbouwer was Jan succesvol. Zijn bezittingen waren niet onaanzienlijk. Tevredenheid heerste in het gezin, maar over de toekomstige kansen van hun kinderen was hij minder positief. Een cholera-epidemie die het land teisterde was er de oorzaak van dat veel kinderen kwamen te overlijden.

Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.

 

In de protestantse kerk vonden er in die tijd ontwikkelingen plaats waarmee de gelovige Heijstek niet overweg kon. Dat blijkt onder meer uit zijn keuze om zij eerste zes kinderen te laten dopen voor de Nederlands Hervormde Kerk en de later geboren kinderen door dominees van, zoals ook Jan noemde, een Afgescheiden Gereformeerde Kerk.

 

Jan Heijstek hield nauwkeurig bij wat er elders in de wereld gebeurde. Een artikel in het Algemeen Handelsblad van 27 augustus 1859 hield hem al langere tijd bezig en had hem tot nadenken aangezet. Deze redactionele bijdrage interpreteerde hij als een oproep aan agrariërs die landeigenaar in Transvaal willen worden. Hij leest de grote voordelen van een streek waar vruchtbomen welig groeien en tarwe oogsten aanzienlijk zijn. Voor veldarbeiders, boeren en handswerklieden, zo leest hij, is er in Transvaal een ruim bestaan te vinden. Het is een gebied met bronnen, beken en rivieren zodat er bijna nergens gebrek aan water is dat gebruikt kan worden om landerijen te bevloeien. De lucht is er gezond, ook voor de blanken, hoewel het er warmer is dan in Nederland. Bij matige arbeid, zo leest hij verder, leeft de Nederlander daar gezond en mede door de goedkoopheid van eerste levensbehoeften, neemt de bevolking er sterk toe. Boeren ter plaatse hebben reeds een begin gemaakt met het aanplanten van koffiestruiken en het verbouwen van suiker en rijst. Nieuwe dorpen worden gesticht, te beginnen met het bouwen van een kerk. Ds. Postma speelt daarbij een belangrijke rol.

 

Jan Heijstek volgt de ontwikkelingen in Zuidelijk Afrika zo goed als het mogelijk is. Hij neemt er kennis van dat daar een discussie op gang is gekomen waardoor werd bepaald dat het gebruik van gezangen tijdens godsdienstoefeningen verplicht gesteld zou worden. Ds.Postma kon zicht daar niet in vinden en vond dat hij onder die voorwaarden de kerk niet kon dienen. Hij koos een eigen richting waardoor er twee kerken ontstonden. Een onder leiding van ds. Van der Hoff, met de voorstanders der gezangen en een onder leiding van ds.Postma. Het lijkt daar net Nederland dacht Jan Heijstek die voorstander is van vrijheid van godsdienst.

 

Berichten dat in voorgaande decennia vele boeren, ook uit andere landen dan Nederland, hem zijn voorgegaan dragen bij aan zijn besluitvorming. Ongeveer de helft van de boeren die naar Zuidelijk Afrika emigreren blijkt uit Nederland te komen, circa een kwart uit Duitsland en naar schatting vijftien procent uit Frankrijk. De overige boeren komen uit andere landen.

 

Eigenlijk leest Jan Heijstek meer positieve dan negatieve berichten over Afrika. Hij ziet volop kansen voor zijn gezin in Transvaal en bespreekt met zijn vrouw een emigratie, wat zeker in die tijd een grote stap kan worden genoemd. Wie het definitieve besluit heeft genomen kan niet met zekerheid worden gesteld. Moedig was het zeker.

Huis en haard worden verkocht resp. geveild. Met de opbrengsten daarvan en met veel goede moed verlaat het gezin Heijstek het rustige Giesen en ruilt dat in voor het avontuurlijke Afrika waar het knap onrustig kan zijn, zo hebben zij ondertussen in de courant kunnen lezen.

Voorafgaande aan het vertrek wordt de emigratie geheel zoals het hoort bij de Burgerlijke Stand gemeld. In het Landverhuizersregister staat vermeld: Heijstek, Jan Joostzoon, beroep landbouwer, oud 46 jaar, religie Christelijk afgescheiden, welgesteld, vertrekt naar Zuid Afrika. Als motief is genoteerd: “ter verbetering van middelen bestaan”.

 

Het gezin Heijstek tijdens het vertrek

Jan Heistek(zijn naam in de geboorteakte is met “ei” geschreven) werd op 7 januari 1816 geboren in het gezin van Joost Heijstek en Jannigje van der Beek. Hij groeide op in het agrarische Giessen. Daar ook ontmoette hij Johanna Rozaen treedt op 18 juni 1846 in zijn geboortedorp met haar in het huwelijk. Het echtpaar krijgt acht zonen en twee dochters.

·         Joost (1847-1936)

·         Jan (1848-1932)

·         Hendrik (1850-1938)

·         Piet (1851-1883)

·         Abraham Cornelis (1854-1847)

·         Elisa (1855-1855)

·         Abraham Eliza (1857-1923)

·         Elizabeth (1858-?)

·         Corstiaan (1860-1861)

·         Jannigje (1861-1862)

 

Lees ook

“Heystekke” in Zuid-Afrika - inleiding

“Heystekke” in Zuid-Afrika – deel 2

“Heystekke” in Zuid-Afrika - deel 3

“Heystekke” in Zuid-Afrika - deel 4

“Heystekke” in Zuid-Afrika - deel 5

“Heystekke” in Zuid-Afrika - deel 6

“Heystekke” in Zuid-Afrika – deel 7

“Heystekke” in Zuid-Afrika - deel 8

“Heystekke” in Zuid-Afrika , deel 9

 “Heystekke” in Zuid-Afrika, deel 10 

 

 

 

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen