Vertaal/Translate/Select your language

Vinaora Visitors Counter

1158128
Vandaag
Gisteren
Deze week
Vorige week
Deze maand
Vorige maand
Alles
274
369
1911
699692
643
12194
1158128

Your IP: 54.144.55.253
2021-12-02 14:14

Baan 68a in Rotterdam, een bijzondere woning

 

Ik las een artikel op het weblog over Theodor Friedrich Wilhelm Heistek, bij ons thuis bekend als oom Dorus. Deze was een broer van mijn opa Ludovicus Cornelius Wilhelmus, kortweg Louis genoemd. Zij waren twee van de elf kinderen van Maarten Johannes Heijstek (inderdaad, dan nog met eij) en Ludovica Cecelia Sophia Zilles. Hoewel de familie elkaar niet overliep, waren er voldoende onderlinge contacten en ontmoetingen. Als ik in dat artikel lees over woningen aan de Baan en in de Grote Visserijstraat in Rotterdam komen veel herinneringen boven. Herinneringen nauwelijks uit eigen beleving, maar vooral uit verhalen van familieleden. In veel van die verhalen kwam de woning aan de Baan 68a ter sprake. Toen ik een jaar of tien geleden enige tijd correspondeerde met mijn verre nicht Ludy in Californië, U.S.A. kreeg ik ook van haar bijzondere verhalen over juist dat huis.

Aan het eind van de negentiende eeuw was de huisvesting, vooral in het centrum van Rotterdam met zijn vele stegen en sloppen, vaak heel slecht. Veelal grote gezinnen in zeer kleine woningen met nauwelijks voorzieningen. Dat beeld komt zeker niet overeen met het pand Baan 68a, gelegen op de hoek van de Schildersteeg met aan de overkant een politiebureau en met een gedeeltelijk uitzicht op de Schiedamsesingel. Niet zomaar een huis, neen, een echt familiehuis waar meerdere ooms en tantes in de loop der jaren een onderdak vonden. Het was ook een groot huis met drie verdiepingen, een hooizolder en een paardenstal.

 

De eerste die het huis bewoonde was de hierboven al genoemde Maarten Johannes, geboren op 27 januari 1843. Op 1 augustus 1881 nam hij, met vrouw en kinderen, zijn intrek. Maarten werkte oorspronkelijk in een pakhuis aan de Rotterdamse haven, later vervoerde hij met een sleperswagen met daarvoor een paard, goederen van en naar de haven. Hij had dus een paardenstalling nodig en het pand lag ook nog eens dichtbij de (toenmalige) havens. Toen Maarten op 14 juli 1898 overleed, woonde hij nog steeds op dat adres. Zijn weduwe en acht kinderen bleven daar achter.

Bijzonder te vertellen is het feit dat Maarten in het bezit was van een zakbijbeltje, dat zich nog steeds in de familie bevindt en wel bij de nazaten van zijn zoon Jan Hendrik. Ooit schreef hij daarin : “M.J. Heijstek, Baan 68, geboren 27 februari 1843, gestorven Uw weet het Heere mocht ik het ook weten”.

In de jaren na Maarten’s overlijden verlieten de kinderen successievelijk het ouderlijk huis, maar een aantal kwam er ook weer terug. In eerste instantie zoon Maarten Johannes van 18 december 1872 en van beroep commissionair in groenten. Hij vestigde zich met zijn bedrijf op de derde verdieping, tot hij in 1903 naar Schotland verhuisde om zijn werkzaamheden in Edinburgh voort te zetten. In 1908 keerde hij terug en vestigt zich wederom aan de Baan 68. Zijn bedrijf had veel nationale en internationale contacten en op zijn kantoor ontving hij dan ook vaak en veel bezoekers. Het verhaal gaat dat elke ochtend om 10.00 uur grote dozen gebak werden bezorgd en jenever per kan werd besteld. Dit alles om zijn bezoekende klanten te kunnen aanbieden. Later verhuisde hij naar de Grote Visserijstraat, eerst op nummer 5b later op 3a. Opmerkelijk detail: toen Maarten aan de Baan 68 woonde, woonde zijn broer Dorus daar eveneens en wel op nummer 130. Deze Dorus verhuisde enkele keren, maar woonde uiteindelijk ook in de Grote Visserijstraat, eerst op nummer 88a, later op 86b.

 

 

Zoon Jan Hendrik van 25 november 1878 was aanvankelijk paardenkoper, later privékoetsier bij de firma Vles. In 1901 kwam hij eveneens aan de Baan wonen en nam bezit van de tweede verdieping. Zijn liefde voor en werk met paarden zal, in verband met de stallen, hierbij zeker een rol hebben gespeeld.

 

Ook ongetrouwde dochter Marie, van 5 oktober 1876, nam haar intrek in het pand en bewoonde de eerste verdieping. Deze Marie was degene die de familiecontacten in stand hield, vele neven en nichten kwamen bij haar over de vloer. Mijn ouders werkten in de jaren dertig in de Bijenkorf te Rotterdam, gelegen vlak bij de Baan. Ik hoorde van Ludy dat zij menig vrij moment aangrepen om even bij Marie langs te gaan. Marie verzamelde van alles voor, van en over de familie, een ieder die maar iets wilde bewaren gaf het aan haar. Familiepapieren, familiebijbels, medailles tot zelfs uit de Napoleontische tijd. Marie zorgde dat alles een plekje kreeg en goed werd bewaard. Eén van de zaken die zij bewaarde waren documenten over de Heijstek-familiegeschiedenis. De reeds genoemde Maarten Johannes verdiepte zich toen al in onze genealogie en had veel hierover vastgelegd. Toen ik nog helemaal niets had met onze stamboom, vertelde mijn vader al dat de oorsprong van de familie in Noord-Brabant lag. Zou hij dat van deze Maarten hebben vernomen?

 

Maar…aan dit alles kwam een eind op 14 mei 1940 toen tijdens het Duitse bombardement op Rotterdam ook het huis aan de Baan 68 vol werd getroffen en alle kostbare herinneringen verloren gingen.

 

 

Lees ook Het portret van Theodor Friedrich Wilhelm Heistek

 

 

Plaats reactie


Beveiligingscode
Vernieuwen