Barend Heistek, accordeonist

 

Het bespelen van de accordeon (men sprak toen van een harmonica) in verenigingsverband is in Zaandam een populaire bezigheid geweest. Men kon erop rekenen dat geen kaart onverkocht bleef als, in ieder geval vóór de Tweede Wereldoorlog, de vereniging "Crescendo" een concert aankondigde, dat in "Ons Huis" moest worden gegeven. Dan kwamen vooral arbeiders met vrouw en kinderen in drommen op zaterdagavonden om te luisteren en ook om na afloop, tijdens het afsluitende bal, enige vloeibare versnaperingen tot zich te nemen. Vooroorlogs burgerlijk klein plezier.

 

"Crescendo" bestaat niet meer. De eerste dirigent van Cresendo was de muzikale havenarbeider Jan Kolvers. Na hem kwamen De Haan (uit Amsterdam), Battem (Krommenie) en Molenaar (Wormerveer). Na het opheffen van Cresendo is het vaandel destijds naar Barend Heistek gegaan, het was een mooi vaandel waarop staat aangegeven dat "Crescendo" op 1 oktober 1922 werd opgericht.

 

 

 

Cresendo in 1922.

Boven van links naar rechts: B. Last, B. Heistek, A. Exalto, H. Hartog, G. Hartog, J. Kolvers, J. Hottentot (Oostzaan), K. Blaauw, L. Kat, A. Hartog en H. Hartog.

Zittend v.l.n.r.: S. Pondman, A.J.B. de Roeck, S. Weij, R. Vreeling, G. de Jong, A. de Jong, P. Melk. Op de vloer zittend v.l.n.r.: B. Heistek, W. Schermer en R. Jongh.

 

In 1926 viel de vereniging, zo mag men het wel noemen, een grote eer te beurt: Wim Schermer en Barend Heistek, de jongste leden, mochten voor de AVRO-radio spelen. Dat was niet minder dan een plaatselijke sensatie. Want wie in die tijd voor de microfoon kwam had een eerste stap gezet naar landelijke beroemdheid. Het moest gebeuren in het Ziekenuurtje van Antoinette van Dijk. De twee jongens dankten het een en ander aan de vader van Wim Schermer die Antoinette een brief had geschreven, waarin het verzoek.... enzovoort enzovoort. Het mocht. Moeder Schermer reisde met de jongens met de trein naar Hilversum. Alle drie meer dan zenuwachtig. Daarna, in de AVRO-studio aangekomen, werden zij voor de microfoon gezet en Antoinette deelde mee: "Als het rode lichtje gaat branden moeten jullie beginnen". En toen het moment daar was zette het duo in met “Heinzelmännchens Wachtparade” waarna “Wiener Praterleben” en ‘Officer of the Day” volgden. Het optreden zat erop, het was verricht. Wim en Barend hadden het, om in de trant van nu te spreken, gemaakt. Door luisteraars werd gereageerd op het optreden. Van een schip kwam zelfs een telegram naar Antoinette waarin stond dat men had genoten van een goede ontvangst en goede muziek. (bron: Appie Jacobsen, Koog aan den Zaan).

 

Persoonlijke herinneringen van Barend Heistek (†)

Ik zal zo ongeveer acht jaar zijn geweest, toen ik bij mijn grootouders logeerde en op zolder een harmonica ontdekte, zo’n trek en duw kastje. Daar heb ik heel wat op afgespeeld. Toen mijn vader dit ten gehore kreeg werd er besloten dat Barend harmonica les moest krijgen. Het bleek al gauw dat mijn harmonica niet geschikt was om lessen op te volgen. Dus mijn vader kocht een accordeon. Daar heb ik een paar jaar op gespeeld. Nadat gebleken was dat ik het wel in de vingers had werd er besloten dat ik lid moest worden van een accordeonclub. Dat werd “Cresendo”. Maar toen bleek dat de accordeon niet geschikt was om er in verenigingsverband op te spelen. Mijn vader dacht diep na en kwam op het volgende lumineuze idee. Er werden loten gemaakt die aan de deur werden verkocht. Afijn u snapt het wel, de accordeon werd verloot en van de opbrengsten kochten wij een nieuwe accordeon die wel geschikt was. Zo ging dat in die tijd.

 

Na een aantal maanden gespeeld te hebben in clubverband werd ik plotseling voor het feit gesteld dat we naar een concours in Oudewater zouden gaan. Het was op een mooie dag dat we vertrokken met een oude autobus richting het pittoreske dorp. Daar aangekomen werden we verwelkomd door feestvierende dorpsbewoners. Op hetzelfde terrein waar ook de muziektent stond was een kermis gaande. Er waren meerdere orkesten en door loting kwamen wij om 15.00 uur aan de beurt om onze symfonie ten gehore te brengen. Dus de wat oudere muzikanten besloten “we gaan de kermis op”. Nou je kunt je voorstellen wij moesten vier uur wachten. Tijd genoeg om een stevige borrel te drinken. Tegen 15.00h werd iedereen bij elkaar getrommeld. Maar toen bleek dat zeker zes mannen van ons orkest behoorlijk waren aangeschoten en konden zij de bassen niet meer van de klavieren onderscheiden. De dirigent, Jan Kolver, was behoorlijk boos. Maar geen nood daar wisten de zes heren wel wat op. We hebben toen onze muzikale tonen ten gehore gebracht met een ouverture,. Alleen men vond het volume dat wij voortbrachten veel te zacht. Desondanks behaalde we toch de tweede plaats. Later in de bus op de terugweg, kwamen we met veel gelach erachter dat de aangeschoten heren de blokken uit hun accordeon hadden verwijderd. Dus dat is veel trekken en duwen geweest, maar zonder geluid. U kunt zich wel voorstellen dat hebben ze lang moeten horen.